Categorieën
AI Essay Ethiek Technologie

Drie veelgestelde vragen over ons AI-gebruik – essay voor De Nieuwe Koers (februari 2026)

Voor het februarinummer van De Nieuwe Koers (DNK) heb ik een essay geschreven waarin ik een antwoord probeer te formuleren op drie veelgestelde vragen over AI-gebruik: word je dommer van AI, kost het niet heel veel energie en wie betaalt uiteindelijk de prijs voor ons AI-gebruik. Je kan het artikel online lezen op de DNK-website of hieronder.

Drie veel gestelde vragen over AI

AI staat voor afnemende intelligentie’ dat is wat de bekende hersenprofessor Erik Scherder eind 2025 zei tijdens een televisie-uitzending van EenVandaag . Dit is ook een van de meest gestelde vragen die ik krijg als ik lezingen en workshops over kunstmatige intelligentie geef waarbij men zich zorgen maakt of mensen dommer worden van AI. Andere veel gestelde vragen gaan vooral over de vaak onzichtbare impact die het gebruik van AI heeft op ons klimaat en over de uitbuiting van de mensen achter de schermen die het zware en vaak slecht betaalde werk doen om deze systemen mogelijk te maken. Sommige christenen gaan hierin zelfs zo ver dat ze geen AI meer gebruiken 1 vanwege de impact die het heeft op duurzaamheid en gerechtigheid. In dit essay ga ik uitgebreid in op deze drie veelgestelde vragen over het gebruik van AI. Ik probeer door middel van feiten en achtergrondinformatie de zin en onzin te onderscheiden die het maatschappelijke debat hierover vaak vertroebelen, en een genuanceerd beeld te schetsen dat jou als lezer kan helpen om zelf een zorgvuldige morele afweging te maken omtrent jouw AI-gebruik.

Vraag 1: Word je dommer van AI?

Het is nog maar drie jaar geleden dat de lancering van ChatGPT 2 het startsein voor het huidige Ai-gebruik inluidde. Waar AI eind 2022 nog voelde als toekomstmuziek is het anno 2026 voor velen een onmisbaar hulpmiddel geworden waar je hulp kan krijgen op allerlei vlakken zoals het maken van je huiswerk, het schrijven van een email op een vriendelijke toon en zelfs geeft het antwoorden op diepe levensvragen. Iedereen die wel eens met AI gespeeld heeft, is in eerste instantie onder de indruk van wat er allemaal mogelijk is. Tegelijkertijd vragen steeds meer mensen zich af wat de prijs is die we als mensheid hiervoor betalen, met andere woorden, welke vaardigheden verliezen we als mens als we en masse klakkeloos op AI gaan vertrouwen. Waar we door het gebruik van navigatiesystemen steeds minder goed zijn geworden in kaartlezen, verwachten sommige onderzoekers dat we door AI veel meer zullen verliezen. We worden niet alleen steeds slechter in het lezen en schrijven van teksten, maar ook fundamentelere vaardigheden zoals kritisch denken en ons beoordelingsvermogen staan daardoor onder druk.

Daarnaast is er de angst dat menselijke creativiteit en nieuwsgierigheid verschralen wanneer we steeds vaker kiezen voor de makkelijke en snelle antwoorden die AI ons op een presenteerblaadje aanbiedt. Dat zou op termijn zelfs kunnen leiden tot culturele homogeniteit. Kortom, de paradox van AI lijkt wel te zijn hoe beter AI ons helpt, hoe minder we zelf gaan nadenken. Een veel aangehaalde wetenschappelijke bron hierbij is een MIT-studie waarin deelnemers essays schreven met behulp van AI of zonder hulpmiddelen. EEG‑metingen toonden aan dat de groep die AI gebruikte minder neurale verbindingen vertoonde in netwerken die geassocieerd worden met geheugen en creativiteit, en dat zij zich minder goed konden herinneren wat ze zojuist hadden geschreven. Ook hersenprof Erik Scherder komt met dezelfde boodschap in zijn recente boek Liever moe dan lui waarin hij betoogt dat het gebruik van AI cognitieve luiheid en achteruitgang in de hand kan werken.

Het frame dat AI leidt tot afnemende intelligentie, doet het goed in de media met ronkende koppen als “AI maakt ons luier en dommer, veroorzaakt brainrot en dementie.” Dit veroorzaakt mijns inziens een veel te eenzijdig en ongenuanceerd beeld en er valt voldoende op af te dingen. Ten eerste is het massale gebruik van AI een dusdanig kort historisch verschijnsel dat er nog veel te weinig data is verzameld en er nog te weinig tijd is verstreken om de daadwerkelijke langetermijneffecten goed te kunnen vaststellen. Dit wordt overigens ook door de auteurs van de MIT-studie erkend in hun onderzoeksverantwoording. Ten tweede,
veranderingen in hersenactiviteit worden in deze studies vaak gepresenteerd als bewijs voor cognitieve achteruitgang, maar dat veronderstelt dat EEG-metingen een betrouwbare afspiegeling zijn van menselijk denken, een aanname die allerminst onomstreden is. Hoogleraar cognitieve psychologie en AI Max Louwerse benadert dit soort ontwikkelingen vanuit een evolutionair perspectief 3 en ziet ze vooral als een aanpassingsproces, waarbij oude vaardigheden plaatsmaken voor nieuwe. Net zoals bij de introductie van de rekenmachine het hoofdrekenen achteruitging, maar de mens daar niet dommer van is geworden. Volgens Louwerse hoeven we dus niet dommer te worden van AI, mits we het op een verantwoorde en bewuste manier inzetten. Betekent dit dan dat we ons geen zorgen hierover hoeven te maken en dat we ervan uit kunnen gaan dat de meeste mensen AI wel op een goede manier gaan gebruiken? Het is wel degelijke een terechte zorg en een maatschappelijke opgave hoe we ervoor zorgen dat AI op een verantwoorde manier ingezet en gebruikt wordt. Het is een vraagstuk waar onderwijs, overheid, opvoeders, maar ook bedrijven en instellingen, gezamenlijk moeten optrekken om met vallen en opstaan hier stappen in te maken.

Het is goed om een onderscheid te maken tussen cognitieve uitbesteding en cognitieve ondersteuning4. Wanneer iemand AI vraagt een ingewikkelde morele vraag te beantwoorden en het antwoord zonder verdere reflectie overneemt, is sprake van cognitieve uitbesteding: het denken gebeurt elders en de gebruiker beperkt zich tot het resultaat. Wanneer iemand diezelfde AI gebruikt om argumenten te ordenen, tegenwerpingen te verkennen of blinde vlekken te signaleren, maar zelf blijft wegen en beslissen, is er sprake van cognitieve ondersteuning. In het eerste geval wordt het oordeel uitbesteed, in het tweede geval wordt het denken verdiept.

Een belangrijk sleutelbegrip om AI goed in te zetten is metacognitie 5, oftewel het vermogen om bewust zicht te houden op het eigen denken, dit te volgen, te beoordelen en waar nodig bij te sturen. Het ontwikkelen en cultiveren van metacognitieve vaardigheden in de omgang met AI is essentieel om de regie over het eigen denken te behouden. Dit vraagt om doelbewust plannen, kritische evaluatie van AI-output en het toelaten van bewuste denkvertraging, juist wanneer snelle en overtuigende antwoorden verleidelijk zijn. Zo blijft AI een hulpmiddel dat het denken ondersteunt, in plaats van een vervanger die het langzaam uitholt.

Het belang van metacognitieve vaardigheden wordt ook benadrukt door Nobelprijswinnaar Demis Hassabis 6, een van ’s werelds belangrijkste AI-onderzoekers. Hij stelt dat in een tijd waarin kennis snel veroudert, niet feitenkennis maar zogenoemde meta-skills doorslaggevend worden. Het vermogen om te begrijpen hoe je leert en om je denken bij te sturen, blijft volgens hem cruciaal, juist omdat AI zich razendsnel ontwikkelt. Metacognitie is daarmee geen luxe, maar een noodzakelijke voorwaarde om menselijk leren, oordelen en verantwoordelijkheid te behouden in het AI-tijdperk.

Vraag 2 Kost het gebruik van AI niet heel veel stroom en water?

Een vraag aan ChatGPT kost tien keer zoveel energie als een vraag stellen aan Google7” en “elke AI-vraag kost wel 1 liter schoon water8” zijn beweringen waar gesprekken over AI en duurzaamheid vaak mee beginnen. Daarnaast wordt er wereldwijd miljarden geïnvesteerd9 om zoveel mogelijk datacentra uit de grond te stampen. Het gaat zelfs zover dat grote AI-spelers kerncentrales10 opkopen om verzekerd te zijn van voldoende energie in de nabije toekomst. Het is dan ook begrijpelijk dat mensen die zich zorgen maken over het klimaat en onze planeet met argusogen kijken naar de huidige en toekomstige impact van AI. Tegelijkertijd is zijn er ook voldoende wetenschappers die terecht erop wijzen dat AI juist noodzakelijk is om klimaatverandering tegen te gaan doordat het bijvoorbeeld kan helpen bij energie-efficiëntie, procesoptimalisatie en klimaatmodellering.11

Bovenstaande paradox dat AI zowel energie kost als kan besparen is niet de enige reden wat deze discussie zo lastig maakt. Er zijn meerdere factoren die hierbij een rol spelen zoals, ten eerste, het gebrek aan transparantie bij de grote AI-labs die maar mondjesmaat data over dit onderwerp publiceren vanwege het feit dat deze bedrijven deze informatie als bedrijfsgeheim beschouwen. Ten tweede is de AI-keten veel groter dan het verwerken van jouw prompt alleen waardoor de werkelijke impact vaak veel breder en onzichtbaar is (denk hierbij bijvoorbeeld aan de zeldzame metalen die nodig zijn voor het maken van de speciale AI-chips). Daarnaast speelt, ten derde, dat het gebruik van AI niet terug te brengen is tot één taak of product wat het erg lastig maakt om hier algemeen geldende uitspraken over te doen.

Om toch grip te krijgen op dit complexe vraagstuk, circuleren er allerlei statistieken zoals te lezen waren aan het begin van dit gedeelte. Volgens dr. Sasha Luccioni, onderzoeker op het gebied van AI en klimaat 12, blijken veel van deze cijfers te zijn gebaseerd op ongefundeerde schattingen en verouderde informatie13. Doordat iedereen deze informatie, bij gebrek aan beter, toch gebruikt treedt er een sneeuwbaleffect op waardoor het ten onrechte toch vaak als waarheid wordt aangenomen. De grote AI-labs hebben overigens in 2025 wel meer data over energiegebruik naar buiten gebracht. Zo schreef Sam Altman, de CEO van OpenAI, dat een gemiddelde vraag aan ChatGPT ongeveer 0,34 Wattuur aan energie kost en 0,32 milliliter water verbruikt. Dat is te vergelijken met het energieverbruik van een energiezuinige ledlamp die een paar minuten brandt en 1/15 theelepeltje water. Ook Google en het Europese Mistral publiceerden soortgelijke cijfers over energieverbruik. Dit geeft wel enige houvast maar is ook enigszins onbetrouwbaar omdat deze cijfers niet door onafhankelijke onderzoekers zijn vastgesteld of gecontroleerd. Een tweede punt is dat energieverbruik per taak enorm kan verschillen; waar tekstgeneratie relatief licht is, kan het genereren van een AI-video wel dertig keer zoveel energie kosten, en vaak zelfs meer. Een derde punt dat vaak wordt aangehaald is de Jevons-paradox: doordat AI permanent beschikbaar is, laten we vaak meer genereren dan nodig is. In plaats van één AI-plaatje laten we er direct tien maken, wat uiteindelijk leidt tot meer energieverbruik dan strikt noodzakelijk.

Het is ook goed om de cijfers voor het energie- en watergebruik van AI in het juiste contextuele perspectief te zien. ChatGPT verbruikt per jaar ongeveer evenveel energie als 20.000 Amerikaanse huishoudens. Dat klinkt veel, totdat je weet dat alle videostreamingdiensten samen 33 miljoen huishoudens aan energie opslokken dat is 1.600 keer zoveel. Recent Nederlands onderzoek schat in dat het wereldwijde AI-waterverbruik in 2025 ongeveer gelijk staat aan de gehele wereldwijde consumptie van flessen water (ca. 446 miljard liter). Dit getal moet je ook in verhouding zien tot bijvoorbeeld het wereldwijde watergebruik door golfbanen (3,4 biljoen14 liter) en de kledingindustrie (93 biljoen liter).

Deze cijfers laten zien dat het energie- en waterverbruik van AI niet los gezien kan worden van bredere digitale en industriële patronen. Tegelijk nemen ze de vraag naar persoonlijke verantwoordelijkheid niet weg. Juist omdat AI zo laagdrempelig en permanent beschikbaar is, speelt het dagelijkse gebruik van miljoenen individuele gebruikers een belangrijke rol in de totale impact. De belangrijkste knop waaraan we zelf kunnen draaien is daarom niet de technologie op zich, maar hoe, wanneer en waarvoor we AI inzetten. Bewuster gebruik vraagt om nieuwe digitale gewoontes en om het leren maken van onderscheid tussen noodzakelijke en gemakzuchtige toepassingen.

Dat begint bij het kiezen van het juiste gereedschap voor de taak. Niet elke vraag vraagt om een zwaar, generatief AI-model; eenvoudige informatie kan vaak efficiënter en zuiniger worden gevonden met bestaande zoekmiddelen. Door bewuster onderscheid te maken tussen taken die echt creatie of complex redeneren vereisen en taken die vooral het opzoeken van informatie betreffen, kan het gebruik van energie-intensieve AI sterk worden beperkt. Uiteindelijk vraagt dit om het ontwikkelen van nieuwe AI-gewoontes, waarin het gebruik van AI geen automatische reflex is, maar een bewuste keuze.

Vraag 3. Worden mensen uitgebuit zodat wij met AI kunnen werken?

Volgens econoom Paul Schenderling werken er bijna 14 miljoen mensen in niet-westerse landen voltijd voor de Nederlandse economie, wat hij classificeert als moderne slavernij. Zijn onderzoek uit 2022 houdt nog geen rekening met de enorme opkomst van AI sindsdien, terwijl er de afgelopen maanden diverse internationale publicaties 15 zijn verschenen die aandacht vragen voor een nieuwe schaduwzijde: de verborgen werknemers in landen als Kenia en India die onder zware omstandigheden en tegen lage beloning bijdragen aan het trainen, modereren en veilig maken van AI-modellen. De grote AI-labs besteden deze werkzaamheden uit aan grote partijen die duizenden werknemers in dienst hebben om data te labelen en om te bepalen wat wel en niet mag; hierbij worden de medewerkers vaak blootgesteld aan langdurige en psychisch belastende inhoud, waaronder expliciet geweld, seksueel misbruik en haatdragende beelden en teksten. Uit diverse onderzoeken16 blijkt dat deze voortdurende blootstelling kan leiden tot ernstige en soms blijvende mentale schade, die diep ingrijpt in het functioneren en het privéleven van de betrokken werknemers. Aangezien dit een recent fenomeen is en de werknemers vaak allerlei geheimhoudingen hebben getekend, is het lastig om goede inschattingen te kunne maken over de omvang hiervan. Het lijkt erop dat vooral de westerse landen de vruchten plukken van de hoge kwaliteit van de AI-modellen die mede door deze verborgen werkers tot stand is gekomen. Sommige onderzoekers spreken hier zelfs over een nieuwe vorm van kolonialisme17.

Een andere vaak onderbelichte keerzijde is juist dat AI ook kansen biedt aan mensen die in niet-westerse landen wonen. Volgens Payal Arora, hoogleraar Inclusive AI Cultures , heerst er een rationeel optimisme in het mondiale zuiden, laten ze AI vooral voor zich werken en is het volgens haar een echte revolutie hoe snel AI daar alledaags is geworden.

Samenvattend kun je wel zeggen dat AI een impact heeft op machts- en arbeidsverhoudingen en kan het een rol spelen in de morele overwegingen die je maakt hoe je AI inzet in je persoonlijke leven. AI, is net als bijvoorbeeld chocolade, elektronica en kleding, onderdeel van een complex, mondiaal productie- en distributieproces waar wij alleen het eindproduct zien en gebruiken en vaak onvoldoende besef en zicht hebben op wat ervoor nodig is om deze producten te gebruiken. De vraag is daarom niet alleen wat AI voor ons kan betekenen, maar ook wie de prijs betaalt voor het gemak en de intelligentie die wij dagelijks benutten.

FOMO18

AI roept veel vragen op, veel meer dan de drie die hierboven zijn behandeld, en een veelgehoorde klacht is dat door de snelheid van de ontwikkelingen het lijkt alsof er geen tijd is om zorgvuldige morele afwegingen te maken. Deze angst wordt enerzijds ingegeven door het gevoel de boot te missen als men er niets mee doet, en anderzijds door de enorme snelheid waarmee technologische ontwikkelingen zich voltrekken, wat op veel mensen een verlammende werking heeft. De uitdaging voor eenieder die op een verantwoorde en bewuste manier AI wil gebruiken, is om hier zelf mee aan de slag te gaan: niet alleen door te experimenteren maar vooral ook door de tijd te nemen om te kauwen op lastige ethische vragen en daarbij ook het gesprek aan te gaan met je collega’s, vrienden of familie. Hopelijk helpt bovenstaande verdieping om je voldoende context en aanknopingspunten te geven om hiermee aan de slag te gaan.

Meer weten

Hieronder een lijst met interessante boeken, artikelen en video’s voor meer achtergrond en verdieping.

Boeken

  • Erik Scherder, Liever moe dan lui (2025)
  • Ethan Mollick, Slimmer werken met AI (2026 editie)
  • Erdinç Saçan, AI voor iedereen (2025)
  • Karen Hao, The Empire of AI (engelstalig) (2025)
  • Madhumita Murgia, Code Dependent – Living in the Shadow of AI (engelstalig) (2025)

Artikelen

Video’s, podcasts

Categorieën
AI Ethiek Technologie Theologie

AI Theoloog in de media

In februari, maart en april ben ik diverse malen geïnterviewd over AI en theologie. De links naar deze artikelen vind je hieronder.

Interview in het Nederlands Dagblad van 11 april 2023 met Johan Vollmuller, de ontwikkelaar van BijbelGPT, met daarin een quote van mij als AI theoloog.

Interview AI in CGMV Magazine maart 2023

Cover CGMV magazine maart 2023

In januari 2023 ben ik geïnterviewd door Ineke Evink, hoofdredacteur van CGMV Magazine over de kansen en gevaren van AI. Je kan een PDF van het artikel hieronder downloaden.

Interview met EO Visie 10 2023

Cover EO Visie nummer 10 2023

Het artikel is hier online te lezen

Illustratie artikel EO Visie 10

Interview op Cvandaag – 21 februari 2023

Het interview met Geerten van Breugel van Cvandaag is hier terug te lezen (zit achter betaalmuur). Wil je een PDF van het artikel lezen, stuur mij dan een berichtje en ik stuur het naar je toe.

Categorieën
AI Ethiek Technologie Theologie

Opiniestuk Nederlands Dagblad – ‘Stel elkaar morele vragen over AI’

… Kunstmatige intelligentie zal ons met steeds meer morele vragen gaan confronteren. We gaan profiteren van doorbraken op medisch
gebied, maar komen ook in aanraking nieuwe schandalen die vergelijkbaar zijn met de toeslagenaffaire.

“Gradually, then suddenly” (langzaam en dan plotseling) is een beroemd citaat van de schrijver Ernest Hemingway uit zijn boek The Sun Also Rises (Nederlandse titel: En de zon gaat op) dat voor mij de ontwikkelingen in kunstmatige intelligentie (vaak afgekort tot AI, afkomstig uit het Engels Artificial Intelligence) weergeeft. Tot het voorjaar van 2022 leken de ontwikkelingen zich lineair voort te bewegen, tot in de zomer en het najaar een explosie van innovatie zich aandiende. Nieuwe AI-systemen, met namen als DALLE-2, Midjourney en ChatGPT, hielden de gemoederen behoorlijk bezig en lieten mensen eigenhandig ervaren hoe je met behulp van een simpele tekst-aanwijzing de computer van alles kon laten maken. Van surrealistische plaatjes van een groene kameel op de maan en stoelen in de vorm van een avocado tot en met nieuwe teksten voor Opwekkingsliederen en zelfs complete preken zijn er gegenereerd. Aan dat laatste zijn er ook in deze krant menig artikel en opiniestuk gewijd, maar ook op andere AI-fronten gebeurde er veel. Zo beweerde een medewerker van Google in juni dat hij geloofde dat chatbot LaMDA echt leefde en gevoelens had en kondigde Elon Musk namens zijn bedrijf Neuralink eind november aan dat hij binnen zes maanden het menselijk brein aan een computer wil koppelen om in eerste instantie mensen met een bepaalde soort blindheid weer te laten zien. In een recent rapport van de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid (WRR) wordt AI systeemtechnologie genoemd, dat is technologie vergelijkbaar met elektriciteit en de verbrandingsmotor, die een “grote impact [heeft] op de samenleving, die vooraf niet kan worden voorzien.” Kortom, er is nogal wat gebeurd het afgelopen jaar op het gebied van AI en er staat ons volgens deskundigen nog veel meer te wachten waar we allemaal mee te maken gaan krijgen. Naast bewondering roept deze technologie bij velen ook de nodige ethische vragen op en vragen steeds meer mensen zich af hoever we hiermee mogen gaan.

Christen en AI

Wat moet je als christen nu aan met AI en hoe breng je dit dan in de praktijk? Zoals hierboven beschreven is, is AI in 2022 in een stroomversnelling terecht gekomen en de verwachting is dat deze technologie veel in de maatschappij zal gaan veranderen en ons met steeds meer morele vragen zal gaan confronteren. We zullen als samenleving kunnen profiteren van AI-doorbraken op bijvoorbeeld medisch gebied maar ook in aanraking komen met nieuwe AI-schandalen zoals de Toeslagenaffaire. Ook als christen zul je dit steeds meer gaan merken; zo kun je natuurlijk nu makkelijk een affiche voor een themadienst ontwerpen, maar kun je als ouder er ook achter komen dat je kind een schoolopdracht met ChatGPT gemaakt heeft (en dus eigenlijk fraudeert). Volgens de Amerikaanse theoloog Philip Hefner zijn wij als mensen created co-creators, oftewel wij zijn geschapen om dingen te maken en deze als christen in te zetten voor een betere en rechtvaardigere wereld (Micha 6:8). Dit geldt uiteraard ook voor AI en het is een morele plicht voor christenen om na te gaan hoe je hier op een verantwoorde manier mee omgaat.

Suggesties voor de praktijk

Tot slot, wil ik graag enkele suggesties aanreiken om dit concreet te maken. Het begint met bewustwording door bijvoorbeeld zelf eens te experimenteren ChatGPT of DALLE-2 om zelf AI te ervaren. Een volgende stap is om kennis op te doen over AI door bijvoorbeeld de gratis online Nationale AI-cursus te volgen of door bijvoorbeeld het AI-hoofdstuk in het boek Dank God voor techniek van Maaike Harmsen te lezen. Mijn laatste suggestie is om het gesprek met elkaar aan te gaan hierover. Doe dit in het klaslokaal, aan de keukentafel of de lunchtafel op het werk, of in kerkelijk verband, zoals in bijbelstudiegroepen of een themadienst over dit onderwerp. We kunnen gerust stellen dat AI het gradually-tijdperk achter zich heeft gelaten en we in 2022 het suddenly-tijdperk zijn binnengetreden.  Het is daarbij onze morele plicht als christenen om ons te verdiepen in AI en te zoeken naar manieren om deze technologie te gebruiken voor het welzijn van de mensheid, terwijl we ons tegelijkertijd bewust blijven van de mogelijke ethische problemen die kunnen ontstaan. Om in de stijl van AI af te sluiten heb ik ChatGPT gevraagd een slotzin voor dit opiniestuk te maken: Het is moreel wenselijk voor ons als christenen om ons te verdiepen in AI en te zoeken naar manieren om deze technologie te gebruiken voor het welzijn van de mensheid, terwijl we ons tegelijkertijd bewust blijven van de mogelijke ethische problemen die kunnen ontstaan.

Categorieën
AI Ethiek Theologie

Wat moet je als christen met kunstmatige intelligentie?

Technologie neemt een steeds belangrijker plaats in onze wereld in en het bepaalt steeds vaker hoe ons leven eruitziet. Volgens de bekende Canadese filosoof Marshall McLuhan vormen wij eerst technologie en daarna vormt het ons. Hoe de smartphone ons de laatste vijftien jaar gevormd heeft, is hiervan een mooie illustratie. Wordt deze technologie autonomer, dan dringen zich ook ethische vragen rondom verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid aan ons op.

De laatste tien jaar ontwikkelt de technologie zich razendsnel. Voor een groot deel speelt zich dat af in het digitale domein waarbij kunstmatige intelligentie (artificial intelligence, AI) een technologie is waarover je steeds meer hoort. Het is lastig om precies uit te leggen wat AI nu eigenlijk is, omdat het niet gekoppeld is aan een specifiek product of een dienst, maar overal in zit. In het recente rapport Opgave AI van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) wordt AI daarom ook ‘systeemtechnologie’ genoemd. AI in de eenentwintigste eeuw is wat elektriciteit en de verbrandingsmotor waren in de twintigste eeuw, technologieën die zorgen voor veel ontwikkelingen op veel fronten.

AI in de eenentwintigste eeuw is wat elektriciteit en de verbrandingsmotor waren in de twintigste eeuw, technologieën die zorgen voor veel ontwikkelingen op veel fronten

Maar wat is AI nu precies? Wellicht helpen een goede definitie en enkele voorbeelden om deze vraag te beantwoorden. Een goede definitie van AI staat in het WRR-rapport: ‘AI-systemen zijn systemen die intelligent gedrag vertonen door hun omgeving te analyseren en – met enige graad van autonomie – actie te ondernemen om specifieke doelen te bereiken.’ Het zijn dus slimme, zelflerende systemen die zelfstandig kunnen handelen. Wij hebben hiermee dagelijks te maken in ons werk en privéleven. Goede voorbeelden van AI zijn je navigatiesysteem in je auto of op je telefoon, de slimme aanbevelingen die je krijgt van muziek- en videodiensten en de camera in je telefoon die deze voor jou ontgrendelt op basis van gezichtsherkenning.

Afbeelding gemaakt door het AI systeem DALLE-2 met als invoertekst “Could robots be religious?”

Nieuwe olie

Een van de belangrijkste succesfactoren in AI is de overvloedige aanwezigheid van data. Data zijn de grondstoffen waaruit AI-algoritmes patronen leren herkennen. Op grond hiervan kunnen ze statistische voorspellingen doen die vaak erg nauwkeurig zijn. Dit krachtige mechanisme zorgt ervoor dat AI bijvoorbeeld in staat is te voorspellen welk onderdeel van een trein stuk zal gaan en vervangen moet worden, welke student voortijdig de opleiding gaat verlaten en op welke advertentie je zult gaan klikken.

Naast voorspellen, is AI een meester in het herkennen van patronen in data. Dit wordt veel toegepast, bijvoorbeeld in de zorg. Zo kunnen radiologen AI gebruiken om bijvoorbeeld sneller longontsteking op röntgenfoto’s te detecteren en kan AI al in een vroeg stadium symptomen van de ziekte van Alzheimer opsporen door het herkennen van bepaalde patronen in het woordgebruik.

Ook wordt AI steeds creatiever. Zo genereerde een AI-algoritme van Microsoft en de TU Delft in 2016 al een schilderij in de stijl van Rembrandt. Je kunt bovendien op www.thispersondoesnotexist.com door AI gegenereerde foto’s zien van mensen die niet bestaan, maar er wel levensecht uitzien. Data worden wel de nieuwe olie genoemd, omdat met behulp van AI allerlei slimme producten en diensten gemaakt kunnen worden die voor een beter leven gaan zorgen.

Voorbeeld van een foto van een persoon die door een AI systeem is gegenereerd en dus niet in werkelijkheid bestaat. Bron: www.thispersondoesnotexist.com

Maar zoals het gebruik van olie gezorgd heeft voor grote milieuproblemen, zo zit er ook een donkere kant aan het gebruik van data en AI. Een goed voorbeeld hiervan is de bekende toeslagenaffaire. Hierbij voorspelde het AI-model van de belastingdienst wie potentieel gefraudeerd zou hebben met toeslagen. Maar wat vooral naar voren kwam, was dat gewone mensen de dupe werden van een overheid die vertrouwde op een AI-model en daar ook rigoureus naar handelde. Het voorbeeld van de toeslagenaffaire laat vooral zien dat het gebruik van data en AI allesbehalve neutraal is en dat bestaande maatschappelijke vooroordelen juist versterkt en uitvergroot worden.

Autonoom

John McCarthy heeft in de jaren vijftig van de vorige eeuw de term AI bedacht. Hij onderzocht met een aantal wetenschappers of menselijke cognitieve eigenschappen ook zelfstandig door een computer konden worden uitgevoerd. Het zelfstandig uitvoeren van taken en nemen van beslissingen door AI neemt een steeds hogere vlucht. Zo zien we dat de AutoPilot van Tesla al volledig zelfstandig kan rijden op snelwegen, maar dat gelijksoortige algoritmes ook kunnen worden toegepast in autonome wapens. Er zijn, voor zover ik weet, nog geen volledig autonome wapens ingezet, maar we zien wel dat AI een steeds grotere rol speelt in bijvoorbeeld de oorlog tussen Rusland en Oekraïne. Zo worden er al semi-autonome drones gebruikt door het Oekraïense leger en is AI een belangrijk wapen dat gebruikt wordt in de parallelle cyberoorlog die uitgevochten wordt.

Dus: hoe autonomer AI wordt, hoe spannender de ethische vragen rondom verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid. Als je dit zou doortrekken naar een wereld waarin autonome AI slimmer is dan de mens, gaan ethische vragen over in existentiële vragen. Veel wetenschappers zullen zich dan afvragen hoe we AI zo kunnen blijven controleren dat het ten dienste staat van de mens en niet andersom. In zijn boek Robot Theology laat de Amerikaanse theoloog Joshua Smith zien dat deze existentiële vragen zo oud zijn als de mensheid zelf. Hij schrijft dat in verschillende mythen uit de oudheid volken gebiologeerd zijn door het maken van kunstmatig leven. In de westerse cultuur zijn het verhaal van Frankenstein uit de roman van Mary Shelly of bijvoorbeeld sciencefiction films als Terminator en Ex Machina daarvan goede voorbeelden.

Spiegel

In Genesis 1:27 staat dat God de mens geschapen heeft naar zijn beeld. Verderop krijgt de mens de opdracht om de aarde te bewerken en te onderhouden. Er zijn veel boeken aan deze tekst gewijd en het is op verschillende manieren uitgelegd, maar een belangrijke lezing waarover veel theologen het eens zijn, is dat de mens een creatief wezen is, met andere woorden: de mens kan dingen maken.

De mens is een “created co-creator

Philip Hefner

De Amerikaanse theoloog Philip Hefner noemt de mens een created co-creator: wat de mens creëert, is een afspiegeling van wie de mens is en indirect van wie God is. Hefners visie is veel bekritiseerd en de vele voorbeelden van misbruik, onrecht en roofbouw op de natuur laten zien dat niet alles wat de mens creëert ter eer en glorie van God is. Hefners visie houdt christenen wel een kosmologische spiegel voor als leidraad voor je leven: dat God alles gemaakt heeft en alles in zijn hand heeft (Psalm 8:4-5). Dit geldt dus ook voor AI; dit kan en mag gebruikt worden ter opbouw van Gods koninkrijk.

Maar AI houdt mensen ook een andere spiegel voor en reflecteert wie wij zelf zijn en wat wij doen. AI kan op veel terreinen al hetzelfde als wat mensen kunnen en vaak ook veel beter. De AI van Googles AlphaGo was bijvoorbeeld in 2016 al in staat om de wereldkampioen Go, het moeilijkste bordspel ter wereld, te verslaan. In 2010 dachten geleerden nog dat het minimaal vijftig jaar zou duren voordat dit mogelijk zou zijn. Kortom, AI zal op steeds meer fronten dingen beter, sneller en efficiënter taken kunnen uitvoeren dan mensen. Voor de langere termijn rijst de vraag in hoeverre mens en AI samen kunnen werken of dat AI banen zal gaan overnemen.

Vanuit theologisch oogpunt roept dit steeds meer antropologische vragen op: wie mag ik zijn als mens in deze wereld waarin AI een steeds prominentere rol speelt? Hoe moet ik mij verhouden tot robots en andere autonome, steeds slimmer wordende systemen? Zijn robots straks onze nieuwe naasten en krijgen zij ook rechten en verantwoordelijkheden of blijven we er met een instrumentele blik naar kijken als een tool die ons leven gemakkelijker maakt? Deze vragen worden des te verontrustender in tijden waarin de mens steeds minder als kroon van de schepping wordt gezien en waar niet-menselijke schepselen als dieren, rivieren en bergen steeds meer morele en juridische rechten krijgen. AI spiegelt ons wie wij zijn als mens en confronteert ons niet alleen met antropologische vragen maar ook met diepe, existentiële vragen over de zin van het leven. De christelijke theologie heeft goede papieren om juist aan deze discussie een zinvolle bijdrage te leveren.

Doel

Zoals we hiervoor zagen, is AI ten diepste religieus en niet, zoals vaak wordt gedacht, waardenvrij en religieus neutraal. AI vormt ons leven door het gemakkelijker, sneller, veiliger en efficiënter te maken. De frictie die aan ons leven eigen is, verdwijnt hiermee steeds meer. Wat zijn de onderliggende redenen en waarden hiervoor, met andere woorden, vanuit welk mens- en wereldbeeld wordt AI ingezet?

De Amerikaanse techniekfilosoof Evgeny Morozov noemt het mensbeeld dat alles maakbaar is en alle wereldproblemen met technische middelen op te lossen zijn ‘tech-solutionisme’. Voor sommigen is het ultieme doel van AI een wereld waarin mens en machine samensmelten tot een nieuwe Übermensch. Sommige visionairs uit Silicon Valley, zoals Googles Ray Kurzweil durven daarbij al te dromen dat de mens onsterfelijk wordt, oftewel met behulp van AI het eeuwige leven in de cloud beërft. Het geloof dat AI ons zal verlossen en ons zal leiden naar een hemel op aarde is gebaseerd op het beeld van de mens als machine. Maar wat zal uiteindelijk de rol van de mens zijn als alles is geautomatiseerd en wat is dan de zin van het leven?

Deze kritische houding vind je ook terug bij vele hedendaagse denkers als rabbi Jonathan Sacks, Hans Schnitzler en Miriam Rasch. In haar boek Frictie schrijft Miriam Rasch dat mensen steeds vaker worden gereduceerd tot de verzameling data die ze zijn en produceren, dataïsme genaamd, wat leidt tot gemak en frictieloosheid, maar juist ook tot voorspelbaarheid en zinloosheid. Juist in de frictie in het leven, het ongemak, de veelkleurigheid van het leven komt de waarde van het mens-zijn naar voren.

Recht en gerechtigheid

Vanuit de christelijke theologie is het vermogen om relaties met anderen te hebben een van de kenmerken van de mens. De gave om anderen lief te hebben en naar anderen om te zien is wat het leven waardevol maakt en zin geeft. Juist in een wereld waarin AI een steeds belangrijkere rol speelt, wordt het omzien naar anderen steeds belangrijker. Dit oeroude christelijke mensbeeld is een helder baken in de woelige AI-wereld. AI is niet meer weg te denken uit onze wereld en zal een steeds prominentere rol innemen in onze maatschappij. Ook als christenen mogen wij dit oeroude mensbeeld inzetten door, juist in een wereld waarin AI steeds belangrijker wordt, om te zien naar onze naasten en recht en gerechtigheid na te streven zoals beschreven staat in Micha 6:8 (NBV21): ‘Er is jou, mens, gezegd wat goed is, je weet wat de HEER van je wil: niets anders dan recht te doen, trouw te betrachten en nederig de weg te gaan van je God.’

Doorpraten over AI

Bovenstaand artikel wil je bewust laten worden van de rol die technologie, en dan met name AI, al speelt in ons leven. Het is nuttig om hierover verder na te denken en door te praten in bijvoorbeeld je bijbelstudiegroep of als kerkenraad. De volgende gespreksvragen kunnen daarbij behulpzaam zijn.

  • Hoe werkt AI in jouw leven? Noem enkele positieve en negatieve voorbeelden.
  • Hoe zou AI kunnen bijdragen aan recht en gerechtigheid in deze wereld?
  • In hoeverre zouden we slimme, autonome robots in de toekomst als nieuwe naasten moeten zien?
  • Waar moeten we de grens trekken qua autonomie? In hoeverre is het wenselijk om bijvoorbeeld AI te gebruiken in autonome wapens?
  • Wat zijn goede manieren om te voorkomen dat je op social media een tunnelvisie ontwikkelt en welke rol speelt AI hierin?

Update naar aanleiding van ChatGPT

Eind 2022 werd het internet overspoeld door allerlei teksten die zijn gemaakt met de chatbot ChatGPT van het Amerikaanse bedrijf OpenAI. ChatGPT is een vorm van generatieve AI dat zelf in staat is om allerlei soorten teksten te genereren zoals krantenartikelen, gedichten, beleidsnota’s, schoolopdrachten, marketingplannen, samenvattingen tot en met kant en klare computercode. Er is door allerlei mensen mee geëxperimenteerd en het heeft ook de wereld van de theologie bereikt. Zo maakte voorganger en docent aan het Baptistenseminarium Marijn Vlasblom een preek hiermee waarvan collega’s niet doorhadden dat deze preek door ChatGPT was gemaakt.

ChatGPT is enorm populair en had binnen 6 dagen 1 miljoen gebruikers (ter vergelijking: bij de iPhone duurde dit 74 dagen) en deze hype kreeg veel aandacht in de media en is ook door diverse christelijke media opgepakt. In dit naschrift wil ik een korte reflectie geven over dit fenomeen door als eerste kort uit te leggen hoe het werkt, in te gaan op mogelijke toepassingen en als laatste een aantal gedachtes wat je hier als christen nou mee moet.

Hoe werkt ChatGPT

ChatGPT is een vorm van AI dat gebaseerd is op GPT-3. De afkorting GPT staat voor Generative Pretrained Transformer en is een taalmodel dat met behulp van slimme algoritmes in staat is om heel veel teksten te lezen en de verbanden tussen de woorden, zinnen, alinea’s etc. hierin te analyseren. Hierdoor ontstaat een heel groot voorgetraind model wat heel goed in staat is om te voorspellen wat het volgende woord is in een reeks gegeven woorden. Deze technologie bestaat al jaren maar de gebruikersvriendelijkheid, de overtuigende eindresultaten en het feit dat ChatGPT onthoudt wat je eerder gezegd hebt, maakt dat mensen die ermee werken er zeer van onder de indruk zijn. Zie hieronder een voorbeeld van een tekst die ChatGPT gemaakt heeft in antwoord op de vraag “Schrijf een opiniestuk van 200 woorden wat een christen moet vinden van generatieve AI technologie

Opiniestuk geschreven door ChatGPT. Bron: https://chat.openai.com/chat

Ik zou iedereen uit willen dagen om eens met ChatGPT te gaan spelen om een gevoel te krijgen wat dit soort technologie allemaal kan. Ga hiervoor naar de ChatGPT website, maak een account aan en leef je uit. ChatGPT spreekt vele talen waaronder Nederlands.

Mogelijke toepassingen en bedenkingen

Velen zien allerlei mogelijkheden wat je met deze vorm van AI kan bewerkstelligen. Trendwatcher Jarno Duursma formuleert het als volgt “Geen twijfel: deze software markeert een nieuw tijdperk. Slimme software als creatieve assistent, als oneindige ideeën machine, als slimme/ domme content schrijver, creatieve denker en vraagbaak.” Tegelijkertijd roept deze technologie allerlei (ethische) vragen op omtrent copyright, plagiaat, fake nieuws, betrouwbaarheid en wie de waarheid bepaalt. ChatGPT is ontwikkeld door het commerciële Amerikaanse bedrijf OpenAI hetgeen inhoudt dat het voor de buitenwereld onbekend is hoe het model onder de motorkap werkt (“black box”) en dat zij daarmee ook de morele grenzen van het systeem bepalen. Critici zijn vooral kritisch op het feit dat ChatGPT zeer overtuigend kan overkomen maar werkelijkheid geen flauw benul heeft wat zij zegt, met andere woorden, ze kan dus ook zeer overtuigend onzin verkopen. Professoren noemen het ook wel een ‘stochastische papegaai’ en theoloog Stefan Paas vergelijkt het met een “een student die zich door een mondeling heen bluft. Je ziet alleen geen rood gezicht en zweetdruppels.” Trendwatchers Sander Duivestein en Thijs Pepping gaan nog een stap verder en zeggen in een opiniestuk in NRC dat “het grote gevaar is niet dat de machinale verzinsels voor waarheid worden aangenomen, maar juist dat het steeds moeilijker wordt om de waarheid te achterhalen.” en zij pleiten ervoor dat het gebruik van ChatGPT moet worden beperkt en dat misbuik strafbaar moet zijn. Kortom, deze tool doet heel wat stof opwaaien en het is ook terecht dat hier kritische vragen bij worden gesteld.

Christelijke reflectie

Het fascinerende aan AI is dat ik er als theoloog allerlei christelijke noties in kan herkennen. Van het verlossings-narratief waar AI de wereld gaat redden in de klimaatcrisis tot en met de mystieke ervaringen die AI onderzoekers hebben gehad die met GPT-4 1 gewerkt hebben. Naar aanleiding van ChatGPT gaan theologen Alain Verheij en Arnold Huijgen in de rubriek Theologisch Elftal in Trouw in op de vraag of AI een bedreiging voor ons godsbeeld is. Verheij’s conclusie is dat AI te vergelijken is met oude godsbeelden die een uitvergroting van de mens zelf zijn, en dat wel degelijk een ontwikkeling is die hem zorgen baart. Huijgen wijst erop dat wij als mensen relationele wezens zijn en verbonden zijn in een gedeelte kwetsbaarheid en sterfelijkheid hetgeen AI nooit zal kunnen voelen.

Al met al kun je dus wel concluderen dat ChatGPT veel los maakt en voor- en tegenstanders buitelen over elkaar heen met allerlei meningen en bespiegelingen hierover. Maar wat moet je hier nu mee als christen? Het is goed om te beginnen, zoals hierboven reeds is beargumenteerd, om na te gaan wat het doel is van ChatGPT. OpenAI, de eigenaar en ontwikkelaar van ChatGPT, is een Amerikaanse commercieel bedrijf dat als missie heeft “to ensure that artificial general intelligence benefits all of humanity.” waarbij zij met artificial general intelligence intelligente autonome systemen bedoelen die slimmer en beter zijn dan mensen in het uitvoeren van taken zoals bijvoorbeeld werk 2. Dit klinkt in eerste instantie veelbelovend, maar het is goed om je te beseffen dat AI nooit neutraal en waardenvrij is en het is derhalve verstandig om kritisch te reflecteren vanuit welke mens- en maatschappijvisie een product als ChatGPT ontwikkeld is en welke gevolgen dit heeft voor keuzes die gemaakt worden bij het ontwikkelen van dit product. De gevolgen bij het gebruik is te merken dat de normen voor wat wenselijk en niet wenselijk is, bepaald zijn door OpenAI.

ChatGPT is, denk ik, een voorbode van vele slimme AI oplossingen die de komende jaren een steeds belangrijkere rol in ons leven en in onze maatschappij gaan spelen. Het is daarom goed om hiervan kennis te nemen maar ook kritisch hierop te reflecteren dat dit soort tools nooit neutraal zijn en om na te gaan hoe dit kan gaan helpen om te zien naar onze naasten en recht en gerechtigheid na te streven. Ik hoop dat artikel je handvatten gegeven heeft die je hiermee kunnen helpen.