Categorieën
AI ChatGPT Essay Theologie

Het geloof van de AI pioniers – essay voor oktobernummer De Nieuwe Koers (2025)

Voor het oktobernummer van De Nieuwe Koers (DNK) heb ik een essay geschreven waarin ik op zoek ga naar de ideologische bronnen van de pioniers in de wereld van Artificial Intelligence (AI), Wat beweegt hen en wat is hun geloof. Je kan het artikel online lezen op de DNK-website of hieronder.

Succesvolle mensen creëren bedrijven. Nog succesvollere creëren landen. De succesvolste creëren religies. Als je een religie wilt beginnen, is een bedrijf starten vaak de makkelijkste route.” Dit zijn niet de woorden van een wereldleider, maar van de jonge Sam Altman, CEO van OpenAI – het bedrijf achter ChatGPT – die hij in 2013 op zijn persoonlijke blog publiceerde. Altman was destijds directeur van een organisatie die start-ups begeleidde en kon natuurlijk niet bevroeden hoe profetisch zijn eigen woorden bleken te zijn. Anno 2025 krijgt kunstmatige intelligentie, vaak afgekort tot het Engelse AI, steeds vaker religieuze trekken en hebben de leiders van de bedrijven die AI ontwikkelen de status van cultheld of religieus leider. Maar waarom wordt AI verheven tot religie en wat geloven de kopstukken in de AI-wereld eigenlijk zelf?

De religie achter AI

Voor veel mensen staat de tool ChatGPT synoniem voor AI. Uit recent onderzoek blijkt dat ongeveer tien procent van de volwassen wereldbevolking het wekelijks gebruikt. Daaruit blijkt ook dat het gebruik verschuift: het gaat niet langer alleen om teksten schrijven, maar ook om advies bij levenskeuzes en een partner om mee te sparren. De top drie van het gebruik van AI-toepassingen, zoals uit ander onderzoek blijkt, is gezelschap en therapie, structuur aanbrengen in je leven en – als derde – het vinden van wat betekenis geeft aan het leven. Kortom, het gebruik van AI verandert: van een behulpzame tool naar een zoektocht van het vinden van een hoger doel. Het dringt door in gebieden die tot nu toe aan menselijke interactie waren voorbehouden.

Ook in de categorie spiritualiteit wordt AI vaak ingezet om antwoorden te vinden op de diepere vragen van het leven. Soms gaat het zelfs nog verder, zoals op de website www.chatwithgod.ai, die doet alsof God zelf aan het woord is en met je communiceert. Tot nu toe zien we vooral toepassingen waarin AI zich gedraagt als gesprekspartner en kun je het moeilijk religieus noemen. Het wordt spannender als je kijkt naar de stip die de grote AI-laboratoria op de horizon zetten. Die wordt vaak aangeduid met de term Artificial General Intelligence (AGI). Dit is een vorm van kunstmatige intelligentie die niet alleen één specifieke taak kan uitvoeren, maar in principe alles kan leren en doen wat mensen ook kunnen. Van redeneren en problemen oplossen tot creatief denken en sociale interactie. Met andere woorden, AGI zal net zo slim en veelzijdig worden als een mens.

Volgens de AI-ingenieurs in Silicon Valley zal het daar niet bij blijven en zal het zich verder ontwikkelen tot superintelligentie (ASI). Oftewel: iets wat vele malen intelligenter dan mensen zal zijn. Zo zou je, figuurlijk gesproken, machines kunnen krijgen met een IQ van 10.000. Tussen wetenschappers en andere AI-experts vinden momenteel verhitte discussies plaats hoe AGI en ASI gedefinieerd moeten worden, wanneer we dit kunnen bereiken en of het überhaupt mogelijk is. Volgens Karen Hao, schrijver van het recent verschenen boek Empire of AI, lijkt de ontwikkeling van AI erg op een religie, met als groot verschil dat de ontwikkelaars niet in een hogere macht geloven, maar in een god die ze zelf aan het scheppen zijn.

De AI-ontwikkeling lijkt steeds meer op een religie. De ontwikkelaars geloven alleen in een god die ze zelf aan het scheppen zijn

Peter Thiel, een bekende AI-investeerder en opiniemaker, vindt dat men bezig is een machinegod te ontwikkelen. Volgens hem is een van de voornaamste drijfveren hiervoor dat men op zoek is naar eeuwig leven. Sam Altman, de eerdergenoemde baas van OpenAI, claimt dat in het tijdperk van AGI er onbeperkte energie en intelligentie tot onze beschikking staat. Die zal ons helpen een einde te maken aan ziektes, het klimaatprobleem, en iedereen radicale overvloed bieden. Dit rooskleurige scenario klinkt volgens Elon Musk alsof de hemel op aarde is aangebroken. Maar er is ook een andere kant. Velen, onder wie Musk zelf, zijn veel pessimistischer over wat AI ons zal brengen. Deze AI-doomers geloven dat AI een destructieve uitwerking op de mensheid en de planeet zal hebben en zien het als een existentiële bedreiging. Eliezer Yudkowsky, bekend als AI-doemdenker, geeft zijn pessimisme treffend weer in de titel van zijn nieuwe boek: If Anyone Builds It, Everyone Dies. Volgens hem overleeft niemand de komst van superintelligentie; een apocalyptische visie, een hel op aarde.

Religies hebben vaak drie bouwstenen: een scheppingsverhaal, een boodschap van verlossing en een verwachting van de eindtijd. Het is niet moeilijk om te zien dat dit ook op AI kan worden toegepast. Het ontstaansverhaal van AI is terug te voeren tot 1950, toen de Engelse wiskundige Alan Turing zich afvroeg wat het zou betekenen als machines konden denken. De term kunstmatige intelligentie werd een aantal jaren later gemunt en de rest is geschiedenis. Het verlossings- en eindtijdnarratief is vooral merkbaar in de discussies rond AGI en ASI en het ontbreekt ook niet aan verlossers. Boegbeelden als Sam Altman, Demis Hassabis en Elon Musk worden door velen beschouwd als messiassen die de wereld komen redden. Daarbij komt onvermijdelijk de vraag naar voren wat hun diepste drijfveren zijn, welke idealen hen inspireren en welk toekomstbeeld zij voor mens en wereld schetsen.

De verlossers

Johan Cruijff had in Spanje de bijnaam El Salvador en werd door velen als een ware verlosser in de voetbalwereld gezien. Diezelfde verlossingsretoriek klinkt ook rond de boegbeelden van AI, die zich presenteren als visionairs die de mensheid vooruithelpen en er heilig van overtuigd zijn dat de wereld maakbaar en optimaliseerbaar is. Het dominante idee is dat mens en wereld informatiesystemen zijn, opgebouwd uit gegevens en patronen die door slimme AI uiteindelijk te herkennen en te leren zijn. Kort gezegd: wie over voldoende tijd, rekenkracht en algoritmes beschikt, kan uiteindelijk alles in mens en wereld ontdekken, voorspellen en verbeteren. De mens in zijn huidige vorm wordt als een beperkende factor beschouwd, omdat hij fysiek kwetsbaar, intellectueel beperkt en irrationeel is en niet het politiek vermogen heeft om complexe (wereld)problemen op te lossen. Het is daarom heel logisch om de mens te willen upgraden met behulp van slimme technologie. Veel AI-onderzoekers zien de combinatie van mens en machine, ook wel cyborg genoemd, als een volgende stap in de evolutie van de mens. Een sprekend voorbeeld is Neuralink, enkele jaren geleden opgericht door Elon Musk. Het bedrijf wil het menselijk brein koppelen aan AI, maar richt zich in eerste instantie op medische toepassingen, zoals het helpen van verlamde mensen om functies terug te krijgen die zij kwijtgeraakt zijn. Musk maakt er echter geen geheim van dat deze technologie ook gebruikt zal gaan worden om de menselijke ‘bandbreedte’ flink op te schroeven. Volgens hem is de communicatiesnelheid van mensen hooguit enkele tientallen bits per seconde en daarmee veel te traag om AI bij te benen. Neuralink moet die kloof dichten door de hersenen direct met computers te verbinden, zodat mens en machine beter kunnen samenwerken. De ideologie achter het verbeteren van de mens wordt ook wel transhumanisme genoemd, een term die in de jaren vijftig van de vorige eeuw populair werd. Dit ideeëngoed kan rekenen op veel aanhangers in de AI-bubbel.

Sociaal wetenschappers Timnit Gebru en Émile Torres hebben uitgebreid onderzoek gedaan naar de drijfveren en het wereldbeeld dat de AI-wereld voortstuwt. Ze vatten de uitkomsten samen in de (Engelse) afkorting TESCREAL, dat verwijst naar transhumanisme, extropianisme, singulariteitsgeloof, kosmisme, rationalisme, effectief altruïsme en langetermijndenken. Al deze stromingen draaien om het idee dat de mens met technologie radicaal verbeterd kan en moet worden, tot aan onsterfelijkheid en het koloniseren van de kosmos toe.

Het draait om het idee dat de mens met technologie radicaal verbeterd moet worden, tot aan onsterfelijkheid en het koloniseren van de kosmos toe

Rationaliteit staat centraal in het denken: emoties en tradities tellen minder mee, terwijl berekenen, optimaliseren en efficiënt beslissen juist worden gezien als de weg vooruit. Torres en Gebru benadrukken vooral ook de problematische kant van deze ideologie. Hun voornaamste kritiek is dat deze geworteld is in eugenetica: een inmiddels grotendeels in diskrediet geraakte pseudowetenschap die uitgaat van de erfelijkheid van zowel fysieke als mentale eigenschappen en die meende de menselijke populatie te kunnen ‘verbeteren’ via selectieve voortplanting en uitsluiting. Het najagen van dit idee kan leiden tot uitsluiting van mensen met een beperking, tot nieuwe vormen van ongelijkheid en tot het versterken van raciale en genderongelijkheid. Aanvullende kritiek is dat AI grotendeels getraind is op westerse data, waardoor er een impliciet westers wereldbeeld in AI aanwezig is. Hierdoor zouden er potentieel nieuwe vormen van AI-kolonialisme kunnen ontstaan. Verder wordt er ook op gewezen dat de focus op existentiële voor- en nadelen de aandacht kan afleiden van de urgente kortetermijnproblemen die AI veroorzaakt, zoals de grote impact op het milieu, desinformatie en het vergroten van maatschappelijke ongelijkheid. De AI-industrie reageert verschillend: sommige bedrijven benadrukken de risico’s om meer invloed en middelen te krijgen, andere bagatelliseren ze en wijzen vooral op nuttige toepassingen.

Theologisch perspectief

Wat mij vooral opvalt als ik door een theologische bril naar de ideologie achter AI kijk, is het reductionistische mensbeeld dat hieraan ten grondslag ligt. De mens en de wereld worden vooral gezien als computersoftware waar met behulp van AI een nieuwe, verbeterde versie van kan worden gemaakt. Het gevaar is dat dit reductionisme, versterkt door machtsconcentratie, de mens reduceert tot middel en zijn werkelijke waardigheid in het gedrang brengt. Het rijke bijbelse mensbeeld waarin de mens een complex, gelaagd, relationeel en emotioneel wezen is dat in zichzelf waardig is, biedt een troostrijk en broodnodig alternatief. Niet alleen voor christenen, dit is een mensbeeld dat vooral ook in het publieke discours gehoord mag worden. De Nederlandse filosoof Herman Dooyeweerd wees er al op dat het gevaarlijk is om de mens en de wereld vanuit slechts één aspect, zoals het technische, te benaderen. Juist de veelheid aan perspectieven doet recht aan onze werkelijkheid.

Het gebruik van AI confronteert ons met onszelf, het is een spiegel die ons voorhoudt wie we zijn als mens met al onze mooie en minder mooie kanten. Tegelijkertijd dwingt het ons om na te denken over wie we willen worden als mens. Hoe we met elkaar en met de wereld willen omgaan en om na te denken wat we waardevol vinden. Door de vermeende snelheid van de technologische ontwikkelingen verzuimen we vaak om te vertragen en het moedige ethische gesprek met elkaar hierover te voeren. Doordat we in een overgangsfase zitten waarin AI nog niet geïnstitutionaliseerd is, is het des te belangrijker om dit gesprek met elkaar te voeren. Niet alleen op je werk of op school, maar vooral ook in je gezin, de kerk en gespreksgroepen.

Tot slot: de intelligentie van AGI of ASI is compleet iets anders dan wijsheid. Gelukkig bestaat een groot gedeelte van onze Bijbel uit wijsheidsliteratuur die ons leert waar het in het leven echt om gaat. Ik hoop en bid dat je door AI weer extra scherp voor ogen hebt wat er in je leven echt toe doet.

Gespreksvragen

  • In het artikel wordt beschreven dat AI steeds vaker gebruikt wordt voor persoonlijke en zelfs spirituele vragen. Herken jij dat mensen technologie gebruiken op zoek naar zingeving of richting in hun leven? Hoe kijk je daar zelf naar?
  • AI-pioniers schetsen soms een hemel op aarde (radicale overvloed, oplossingen voor klimaat en ziekte), terwijl anderen een hel voorspellen (existentiële bedreiging, ondergang van de mensheid). Welke van deze visies spreekt jou het meest aan, en waarom?
  • Religies hebben vaak een scheppingsverhaal, een boodschap van verlossing en een verwachting van de eindtijd. Zie jij dit patroon ook terug in hoe er over AI wordt gesproken? Welke overeenkomsten en verschillen vallen je op?
  • Het artikel noemt het reductionistische mensbeeld achter AI: de mens als een soort software die verbeterd kan worden. Hoe verhoudt dit beeld zich tot het bijbelse mensbeeld of jouw eigen visie op mens-zijn?
  • AI houdt ons een spiegel voor: het laat zien hoe wij denken over kennis, macht en vooruitgang. Welke vragen roept dit bij jou op over wie wij als mensen willen zijn?
  • Wijsheid en intelligentie zijn niet hetzelfde. Waarin zie jij het verschil, en hoe kunnen geloof en wijsheid richting geven in een tijdperk van toenemende kunstmatige intelligentie?

Categorieën
AI ChatGPT Essay Theologie

AI en intimiteit – essay voor zomernummer De Nieuwe Koers 2025

Voor het zomernummer van het opinieblad De Nieuwe Koers heb ik een essay geschreven over de rol die kunstmatige intelligentie (AI) steeds vaker speelt in allerlei intieme aspecten van ons leven. Denk hierbij aan relaties, therapie maar ook aan rouwverwerking. Het artikel is te lezen via de website van De Nieuwe Koers.

Categorieën
AI ChatGPT Essay Ethiek Theologie

Kunstmatige intelligentie geschapen naar ons evenbeeld – Spirituele en religieuze dimensies van AI (deel 2)

Dit essay is het tweede deel in de serie artikelen over spirituele en religieuze dimensies van AI en verscheen eerder op theologie.nl.

Inleiding

Terwijl ik over kunstmatige intelligentie (AI) en creativiteit nadacht, moest ik denken aan de beginregel van een reclamefilmpje uit 1984 van speelgoedmerk LEGO. Misschien ken je het wel: ‘Van LEGO kan je alles maken, een boot, een vliegtuig of een trein.’ Met voldoende bouwsteentjes kun je alles maken wat je je maar kan indenken. Dit geldt overigens niet alleen voor kinderen maar ook vele volwassenen vinden het geweldig om met LEGO te bouwen zoals de populariteit van het bekende tv-programma LEGO Masters wel laat zien.

Werken met de nieuwste golf aan AI-programma’s – die allemaal gebruikmaken van wat je ‘generative AI’ noemt –, voelt net als bouwen met LEGO. Het is werkelijk kinderspel om prachtige creaties te maken in de vorm van tekst, plaatjes of video. Dit roept natuurlijk technische, filosofische en theologische vragen op die ik in dit artikel nader wil uitwerken.

Allereerst ga ik wat dieper in op wat ‘generatieve kunstmatige intelligentie’ nu is en waarom het lijkt alsof er in korte tijd veel meer mogelijk is geworden met AI. Daarna wil ik stilstaan bij de vragen die deze nieuwe generatie AI oproept en welke diepere vragen hier aan ten grondslag liggen. Onvermijdelijk kom ik daarmee aan bij de filosofische vraag wat creativiteit is – dus ik zal proberen die te beantwoorden. Tot slot wil ik deze filosofische vraag verbinden aan het theologische scheppingsverhaal waarin God ook letterlijk met woorden de aarde schept.

Aan het eind van dit artikel staan een aantal gespreksvragen die je kunt gebruiken om over dit onderwerp met elkaar in gesprek te gaan.

Generatieve AI

In de zomer van 2022 had de Amerikaanse spelletjesmaker Jason Allen kennisgemaakt met generatieve AI.1 Iemand had hem gewezen op de AI-tool Midjourney, waarmee je in een handomdraai prachtige en zeer realistische grafische plaatjes kan maken, en sindsdien was hij verkocht. Allen maakte honderden plaatjes en was zeer gebiologeerd door de mogelijkheden van AI waarbij iedereen met woorden de meest prachtige ontwerpen kan maken.

Uiteindelijk besluit Allen om een van de creaties, genaamd Théâtre d’Opéra Spatial, op canvas af te laten drukken en mee te laten doen aan een kunstwedstrijd in Colorado. Onder het schilderij hing een bordje met daarop de tekst dat het schilderij gemaakt was door Jason Allen en Midjourney – en tot zijn grote verbazing bleek een aantal dagen later dat zijn creatie de prijs gewonnen had in de categorie digitale kunst.

Toen Allen dit bericht wereldkundig maakte op sociale media, barstte de discussie los over de gevolgen van het gebruik van AI en creativiteit waarbij de reacties varieerden van dat het oneerlijk was tot aan kunstenaars die het geweldig vonden om samen met een slimme machine nieuwe kunst te maken.

Schilderij Théâtre d’Opéra Spatial. Jason Allen en Midjourney,

Schilderij Théâtre d’Opéra Spatial. Jason Allen en Midjourney,

Midjourney is een van de vele voorbeelden van een AI-programma waarmee de gebruiker iets kan creëren. Deze vorm van AI wordt vaak aangeduid als ‘generatieve AI’ waarbij de gebruiker aan de hand van een opdracht in natuurlijke menselijke taal – een zogenaamde prompt – het AI-systeem aan het werk zet. Het AI-systeem komt vervolgens met een voorstel van een aantal creaties die de gebruikers vervolgens met een nieuwe prompt kan aanpassen of verfijnen. De meest bekende vorm van generatieve AI is zonder meer ChatGPT, dat sinds de introductie op 30 november 2022 binnen de kortst mogelijke tijd meer dan 100 miljoen gebruikers had en in Nederland alleen al 1,5 miljoen gebruikers telde.2

De basis voor generatieve AI is grote taalmodellen die vaak worden aangeduid als LLM’s: Large Language Models. Een taalmodel is een AI-systeem dat, met behulp van een algoritme, allerlei verbanden leert zo veel mogelijk teksten te lezen, en die deze verbanden op een slimme manier opslaat in een model. Er kunnen ook verbanden tussen plaatjes, muziek en woorden in het model worden opgeslagen waardoor het niet alleen tekst kan genereren maar ook bijvoorbeeld foto’s, video en audio.

Het enorme succes van generatieve AI is vooral te verklaren doordat de kwaliteit van de output van deze taalmodellen zeer goed is, gecombineerd met het gebruiksgemak. Met andere woorden: iedereen is in staat om met woorden iets creatiefs te maken. Echter, het gebruik van deze taalmodellen roept ook allerlei spannende vragen op.

Vragen

De eerste keer dat ik met ChatGPT een tekst liet maken, bekroop mij het gevoel dat ik met iets magisch te maken had. De gemaakte teksten waren zo goed dat ik enorm onder de indruk was dat AI zoiets kon doen. Tegelijkertijd roept het gebruik van deze technologie ook heel veel ethische, juridische en artistieke maar ook vooral praktische vragen op. Het voert te ver om alle vragen tot in detail uit te werken in dit artikel, maar hieronder zet ik in een kleine bloemlezing een aantal vragen die spelen op rij.

In het onderwijs sloeg de lancering van ChatGPT in als een bom.3 Scholieren en studenten kunnen ineens werkstukken en papers laten schrijven waardoor de waarde van dit soort opdrachten als toetsmiddel onder druk staat. Scholen en universiteiten moeten halsoverkop beleid maken op hoe ze hier praktisch mee om zullen gaan. Een ander praktisch probleem is dat taalmodellen soms hallucineren,4 wat betekent dat ze dingen produceren die niet waar zijn. Dit probleem is inherent aan het feit dat taalmodellen onder de motorkap werken met statistische voorspellingen en geen beeld van de wereld hebben. Dat neemt niet weg dat de uitkomsten zeer geloofwaardig kunnen overkomen; je moet als gebruiker daarom extra alert zijn.

Een hallucinerend taalmodel?

Die grote taalmodellen (LLM’s) worden gevoed met grote hoeveelheden data die letterlijk van het internet afgeschraapt zijn. Daarvan is het onduidelijk of de maker van het taalmodel, zoals bijvoorbeeld OpenAI (het bedrijf achter ChatGPT), deze data rechtmatig heeft verkregen. Verschillende mediabedrijven, zoals de New York Times6, en schrijvers en artiesten, zoals John Grisham,7 zijn rechtszaken gestart waarin zij stellen dat bedrijven zoals OpenAI zonder toestemming hun werk gebruikt hebben, en ze eisen dat hun auteursrecht beschermd wordt. Ten tijde van het schrijven van dit artikel, worden allerlei rechtszaken gevoerd en zijn er nog geen uitspraken gedaan. De verwachting is echter wel dat deze jurisprudentie gevolgen zal hebben voor de toekomst van het maken en gebruiken van taalmodellen.

Naast praktische en juridische bezwaren roept het gebruik van LLM’s ook ethische en filosofische vragen op. In hoeverre is het wenselijk dat je als recruiter vacatureteksten laat schrijven of dat je zelf plaatjes maakt waarmee je je nieuwsbrief verfraait, zonder hierbij gebruik te maken van grafisch ontwerpers? Wat doe je als ouder wanneer je kind trots aan de keukentafel vertelt dat het een prachtig cijfer heeft gekregen voor een werkstuk dat die volledig door ChatGPT heeft laten schrijven? Kortom, veel vragen waarin we als persoon, burger, medewerker of werkgever het ethische gesprek met elkaar moeten aangaan.  

Generatieve AI is een gegeven dat steeds meer ons leven zal gaan beïnvloeden en we zullen dit gesprek de komende tijd steeds vaker met elkaar (moeten) voeren. Gebruik hier bijvoorbeeld de gespreksvragen aan het einde van dit artikel als leidraad voor.

Creativiteit

Onderliggend aan bovenstaande liggen de meer filosofische vragen wat creativiteit is en of een LLM wel creatief kan zijn. Deze vragen zijn niet nieuw en worden vaak gesteld bij de opkomst van nieuwe baanbrekende technologieën. Bij de opkomst van de fotografie eind 19e eeuw schreef de Fransman Charles Baudelaire een vlammend betoog waarin hij de fotografie beschouwde als een toevluchtsoord voor mislukte en luie schilders en een verarming van de Franse artistieke geest.8 Creativiteit is dus een proces en iets waar je moeite voor moet doen om daadwerkelijk een creatie tot stand te brengen.

Volgens de Amerikaanse cognitief wetenschapper Margaret Boden, gespecialiseerd in computers en creativiteit, is een idee of ontwerp creatief als het nieuw, verrassend en waardevol is. In een essay uit 2010 onderscheidt zij drie soorten creativiteit: combinatorische, exploratieve en transformationele creativiteit.9

Transformationele creativiteit gaat over compleet nieuwe dingen of ideeën en biedt een compleet nieuwe kijk op de wereld. Een voorbeeld hiervan is het heliocentrische wereldbeeld van Copernicus waarbij aarde om de zon draaide in plaats van andersom; dit transformeerde letterlijk het complete wereldbeeld. Een ander voorbeeld is het schilderij van de kunstenaar Banksy dat, tot grote verrassing en verbijstering van de bezoekers van een kunstveiling, zichzelf versnipperde.10

Exploratieve creativiteit is proberen tot iets nieuws te komen, binnen de bestaande conceptuele ruimte van het domein waarin je iets aan het maken bent. Een voorbeeld is een singer-songwriter die een nieuw country-liedje schrijft.

Bij de laatste categorie van combinatorische creativiteit gaat het om het combineren van bestaande ontwerpen, dingen en ideeën zodat er iets nieuws ontstaat. Met name in deze laatste categorie van creativiteit is door generatieve AI een ware explosie van nieuwe creaties ontstaan waarbij mensen opeens de gekste dingen met elkaar combineren van een stoel in de vorm van een avocado tot een versie van het schilderij Het laatste avondmaal van Da Vinci in de stijl van Picasso. Niet elke combinatie is even waardevol of slaat ergens op en de mens is volgens Boden op dit moment nog veel beter in staat dan de computer om dit te bepalen.

Volgens wiskundige en filosoof Stefan Buijsman, verbonden aan de TU Delft, is het indrukwekkend wat generatieve AI momenteel in staat is te maken maar is het niet creatief omdat AI niet iets maakt met een bepaalde intentie en geen beeld van de wereld heeft, zoals mensen dat wel hebben daarentegen.11 Toch is AI volgens wiskundige Marcus du Sautoy, die het boek De code van creativiteit schreef, prima in staat om kunst te maken die door experts niet van echt te onderscheiden is omdat het door patroonherkenning leert hoe kunstenaars denken. Met andere woorden, AI laat zien dat ‘de onderliggende algoritmen er in zijn geslaagd de regels te begrijpen die kunstenaars onbewust hebben gevolgd.’12

Du Sautoy en Buijsman geven beiden aan dat de intentie van de kunstenaar, oftewel het vermogen om iets te communiceren naar de wereld dan wel te reageren op de wereld, het onderscheidende kenmerk is voor creativiteit. Volgens beiden is AI vooral een hulpmiddel dat de kunstenaar kan helpen om iets creatiefs te maken als reactie op het bewust aanwezig zijn in de wereld. Zij zeggen dus eigenlijk dat iets of iemand pas creatief kan zijn als het (zelf)bewustzijn heeft. De vraag of AI zelfbewustzijn heeft of kan hebben, is van filosofische aard en verdient een daaraan toegewijd artikel. Voor nu volstaat het om te zeggen dat verreweg de meeste mensen in de Westerse wereld ervan uitgaan dat AI een ding is en dus geen bewustzijn heeft; waaruit dus (in de lijn van DuSautoy en Buijsman) volgt dat AI niet creatief is.

Created co-creator

Tot dusver de filosofie: hoe zit het met de theologie? De woorden ‘creativiteit’ en ‘schepping’ hebben een gedeelde oorsprong: het Latijnse creo. Voor christenen is schepping onlosmakelijk verbonden aan het scheppingsverhaal dat beschreven staat in het bijbelboek Genesis. Er is een duidelijke relatie tussen God en de mens als scheppend wezen waarbij God de mens naar Zijn beeld gemaakt heeft (imago dei) en de opdracht geeft om zelf scheppend aan het werk te gaan (Genesis 1:27-28).

Je zou verwachten dat er een rijke bibliotheek aan theologische literatuur bestaat waarin een theologie van creativiteit beschreven staat, maar volgens theoloog Mark Klooster, die hier onderzoek naar deed, is er verrassenderwijs zeer weinig over geschreven.13 Een van de bekendste theologen die hierover schrijft is Philip Hefner. In zijn werk omschrijft hij de mens als created co-creator, oftewel een door God geschapen scheppend wezen dat Gods scheppende werk op aarde voortzet.14

Theologen leggen het begrip imago dei op verschillende manieren uit in relatie tot creativiteit. Er is een uitleg waarin de mens unieke eigenschappen heeft, naar Gods evenbeeld, om dingen tot stand te brengen – je kunt dit de structurele interpretatie noemen – en er is een uitleg waarbij de nadruk ligt op de mens als Gods vertegenwoordiger op aarde om dingen te maken – een functionele uitleg. Een meer recente ontwikkeling in het denken hierover is de relationele benadering waarin creativiteit wordt gezien vanuit de relatie die de mens met God heeft. Het eschatologische perspectief legt de nadruk vooral op het einddoel, het inzetten van creativiteit om het Koninkrijk van God een stapje dichter bij te brengen.

De Duitse theoloog Wolfhart Pannenberg omschrijft het hart van creativiteit met het mooie begrip Weltoffenheit, waarmee hij doelt op de neiging van de mens om nieuwe dingen te ontdekken, waarvan hij stelt dat dit wordt ingegeven door een natuurlijke neiging naar het transcendente.15 Voor Pannenberg ligt de oorsprong van deze hang naar creativiteit in God en is dit wat de mens ook onderscheidt van de rest van de schepping.

Vanuit de bovenstaande visie zou je kunnen zeggen dat AI gecreëerd is door mensen naar het beeld van de mens (imago hominis) en dat je AI ook zou kunnen zien als een co-created co-co-creator. Oftewel, AI is een created co-creator die gemaakt is door de mens, die op zijn beurt weer geschapen is als created co-creator, door God.16 Generatieve AI maakt dus dingen naar het beeld van de mensen met al haar mooie en lelijke kanten, echter is het altijd een afgeleide van wat mensen ooit gemaakt hebben en mist dus de bezieling (het transcendente) en het contact met de wereld (Weltoffenheit) zoals beschreven door Pannenberg, Buijsman en Du Sautoy. Je zou kunnen concluderen dat generatieve AI in zichzelf niet creatief is maar wel door de mens gebruikt mag worden om te creëren en de wereld een stukje mooier te maken (Micha 6:8).  

Tot slot/ gespreksvragen

Christenen geloven dat de mens gemaakt is als creatief wezen en zelf, naar Gods beeld, ook dingen creëert. Mensen mogen AI dan ook vooral inzetten ter eer en glorie van het Koninkrijk van God. Hieronder vind je een aantal vragen om hier verder op te reflecteren.

  1. Vind jij dat de mens door het gebruik van generatieve AI creatiever of juist minder creatief wordt? Bedenk enkele voorbeelden voor beide opties.
  2. Hoe zou je generatieve AI kunnen inzetten in de kerk? Bedenk enkele toepassingen.
  3. Wat is jouw visie op de toekomst van creativiteit in een wereld waarin generatieve AI een steeds grotere rol speelt?
  4. Hoe denk je dat we goddelijke inspiratie en menselijke creativiteit kunnen onderscheiden in werken die (gedeeltelijk) door AI zijn gecreëerd?
  5. Denk jij dat God iemand kan aanraken door een preek die geschreven is met generatieve AI?
  6. Bedenk enkele toepassingen van generatieve AI die schadelijk zijn.
  7. Wat denk jij dat de mens uniek maakt in een wereld waarin machines steeds meer menselijke taken kunnen uitvoeren en menselijke eigenschappen hebben?
  8. Bedenk toepassingen voor je eigen organisatie (bedrijf, kerk, sportclub) waarin het gebruik van generatieve AI onwenselijk is. Bespreek met elkaar waarom je denkt dat dit zo is en welke waarden hierbij op het spel staan.
  9. Bespreek de stelling ‘over tien jaar hangen er kunstwerken in musea die volledig door AI zijn gegenereerd.’
  10. Bespreek de stelling ‘over tien jaar is het gebruik van generatieve AI net zo gewoon als het gebruik van een webbrowser of tekstverwerker.’
Voetnoten

Categorieën
AI Essay Theologie

Kunstmatige intelligentie: een stukje hemel op aarde – essay Kontekstueel

Dit essay verscheen eerder in het themanummer over Kunstmatige Intelligentie van het blad Kontekstueel (38/1 – januari 2024). Losse nummers zijn na te bestellen op de Kontekstueel-website.

Biedt kunstmatige intelligentie (AI) mogelijkheden en kansen om in te zetten ter bevordering van het koninkrijk an God en hoever mag je hiermee gaan? Technologie en het christelijk geloof beïnvloeden elkaar veel meer dan de meeste mensen vermoeden. In dit artikel analyseer ik deze historische relatie en geef ik enkele voorzetten hoe een toekomst met AI voor de theologie en voor de kerk eruit zouden kunnen zien.

Inleiding

Op mijn Linkedin-profiel noem ik mijzelf AI-evangelist en regelmatig krijg ik daarom de vraag of AI iets met het christelijk geloof te maken heeft. AI-evangelist is een functie die bij bedrijven binnen de software-industrie heel gewoon is. Als AI-evangelist probeer ik mensen enthousiast te maken hoe ze AI in hun organisatie zouden kunnen gebruiken en neem ik ze mee op reis hoe ze dat het beste zouden kunnen doen. Daarnaast ben ik ook AI-theoloog waarbij ik de technologische ontwikkelingen binnen AI door een theologische bril probeer te duiden. In dit artikel vallen beide rollen samen en ga ik op zoek naar de beloftes en mogelijkheden die AI biedt, maar ga ik tegelijkertijd ook in op nieuwe theologische en ethische vragen die dit oproept. Het artikel is als volgt opgebouwd: in het eerste deel volgt een beschrijving van de historische relatie tussen het christelijk geloof en technologie en hoe deze elkaar wederzijds hebben beïnvloed. In het tweede deel ligt de focus op de historie en toepassing van AI in een algemene en theologische context. In het derde deel ga ik in op de theologische en ethische vragen die dit allemaal oproept. In het vierde en laatste deel introduceer ik het concept van apocalyptische verbeelding als mogelijke sleutel voor het doordenken van deze vragen.

Technologie en theologie

Op 18 september 2023 vond er een interessant gesprek plaats over AI en veiligheid in de fabriek van Tesla in Fremont (Californië) tussen Tesla-CEO Elon Musk, topman Greg Brockman van OpenAI, MIT-professor Max Tegmark en premier Netanyahu van Israël. In dit gesprek vergeleek Elon Musk het best case-scenario voor AI met een beschrijving van de hemel: ‘Je kunt hebben wat je maar wilt, je hoeft niet te werken, je hebt geen verplichtingen en elke ziekte die je hebt kan genezen worden,’ aldus Musk. Dit is een goed voorbeeld van hoe AI-opiniemakers zoals Musk zich steeds vaker bedienen van theologische taal. De relatie tussen religie en technologie is er een die teruggaat tot aan het begin van de Bijbel. In het zeer lezenswaardige boek From the Garden to the City beschrijft John Dyer uitgebreid de rol van technologie in de Bijbel. Van Genesis tot Openbaring zijn diverse verhalen te vinden waarin technologie een belangrijke rol speelt. Van Tubal-Kaïn, de stamvader van allen die brons en ijzer bewerken (Gen. 4:22), de redding van de wereld met behulp van de ark van Noach

Veel christenen zagen technologie sedertdien vooral als hoogmoed en niet meer als een middel om het proces van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde te versnellen.

(Gen. 6-8), Besaleël (Ex. 31), de architect die vele onderdelen van de tabernakel ontwierp

en maakte, tot en met het gebruik van schrijftechnologie die Johannes gebruikt om vast te leggen wat er tegen hem gezegd wordt (Op. 1:19). Volgens Dyer hebben drie technologieën een belangrijke rol gespeeld in de verspreiding van het evangelie in de tijd van de eerste kerk. Ten eerste het gebruik van de Griekse taal, om als standaardtaal met anderstaligen te kunnen spreken. Ten tweede het netwerk van wegen die de Romeinen hadden aangelegd om de belangrijkste steden met elkaar te verbinden. En ten derde het gebruik van de codex in plaats van boekrollen, om de geschriften van het Nieuwe Testament te verspreiden. Veruit de meeste mensen konden in die tijd niet lezen en kwamen vooral in contact met het woord van God door samen te komen en te luisteren. Door de uitvinding van de boekdrukkunst in de vijftiende eeuw werd de Bijbel een boek dat relatief goedkoop gemaakt en verspreid kon worden. Mede door het pionierswerk van Luther en Erasmus in het vertalen van de Bijbel is het christendom over de aarde verspreid en beschikbaar geworden in meerdere talen.

Theologie en technologie zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Echter, veel gelovigen zijn huiverig om nieuwe technologie zoals AI te omarmen, omdat het niet bevorderlijk zou zijn voor je relatie met God en je naasten. In de vroege middeleeuwen werd juist het tegenovergestelde gevonden, waarbij technologie gezien werd als een middel om dichter bij God te komen. De invloedrijke Ierse filosoof Johannes Scotus (800-877) stelde dat de mens, gevormd door de Schepper, de mogelijkheid had om de verbroken band met God na de zondeval te herstellen door zelf te creëren, oftewel door technologie te gebruiken. Deze gedachte werd omarmd door de kerk en veel technologische innovaties, zoals het waterrad, werden in kloosters gedaan. De katholieke kerk wordt door sommigen ook wel het ‘Silicon Valley van de middeleeuwen’ genoemd en de achterliggende gedachte was dat technologische vooruitgang zou leiden tot morele vooruitgang. Of in meer theologische termen: vooruitgang in technologie is de reddingvoor de mens die het koninkrijk van God een stukje dichterbij brengt. Deze gedachten heeft veel christelijke denkers tot aan de Verlichting beïnvloed, toen er in het christelijke denken een kentering ontstond ten aanzien van technologie. Door technologische vooruitgang was de mens steeds beter in staat om voor zichzelf te zorgen en de wereld te begrijpen en te verbeteren. Technologie en wetenschap werden de paradepaardjes van het Verlichtingsproject. Met hun nieuwe wetenschappelijke inzichten hebben ze het traditionele mens- en wereldbeeld, waarin God de wereld geschapen had met daarin de mens als kroon op de schepping, volledig op de kop gezet. Veel christenen zagen technologie sedertdien vooral als hoogmoed en niet meer als een middel om het proces van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde te versnellen.

AI en theologie

‘Kunnen machines nadenken?’ is de vraag die de Britse wetenschapper Alan Turing zich stelde in een invloedrijk paper dat hij in 1950 schreef. In navolging daarop kwam een groep Amerikaanse wetenschappers in 1956 bij elkaar om na te denken over machines die kunnen leren zoals mensen en menselijk gedrag kunnen vertonen. John McCarthy, een van de aanwezige wetenschappers, noemde dit artificial intelligence. AI is dus in essentie een technologie waarin de mens nagebootst wordt door machines intelligent gedrag te laten vertonen. In de jaren vijftig van de vorige eeuw werd rationeel en wiskundig redeneren veelal gezien als de top van intelligentie, waarbij schaken de ultieme spelvorm was waarin dit naar voren kwam. De eerste grote doorbraak waarbij de mens door machine verslagen werd vond plaats in 1997, toen wereldkampioen schaken Gary Kasparov werd verslagen door de schaakcomputer Deep Blue van IBM. Waar hier de intelligentie vooral werd veroorzaakt door brute rekenkracht, heeft AI

AI is dus in essentie een technologie waarin de mens nagebootst wordt door machines intelligent gedrag te laten vertonen.

sindsdien vooral veel vooruitgang geboekt op het gebied van werken in natuurlijke taal. AI is niet alleen in staat om te vertalen, maar eveneens zijn de grote taalmodellen (vaak afgekort tot LLM: Large Language Model) die ten grondslag liggen aan producten zoals ChatGPT en Google Bard ook uitstekend in staat om zelf teksten te genereren. Deze functionaliteit is massaal door de wereld omarmd om mee te experimenteren en wordt steeds vaker ingezet om repetitieve en saaie werkzaamheden zoals bijvoorbeeld het schrijven van notulen van een vergadering te automatiseren. Ook in de christelijke wereld wordt er volop geëxperimenteerd met deze technologie. Zo schreef voorganger Marijn Vlasblom in december 2022 op social media dat hij, als experiment, een preek had laten maken door AI die niet van echt was te onderscheiden, en zo werd er in het voorjaar van 2023 in Duitsland een kerkdienst gehouden die bijna volledig door AI werd vormgegeven. De gebeden, de preek en de liederen waren allemaal geschreven door ChatGPT en de dienst werd grotendeels uitgevoerd door avatars: digitale creaties die in allerlei gedaantes op een scherm verschenen, preekten en baden. Ook christelijke zendingsorganisaties zoals Trans World Radio zijn druk bezig om te kijken welkerol AI, naast bestaande technologie zoals radio, mobiele apps en het internet, kan innemen om hun missie te versnellen om iedereen op de wereld met het evangelie te bereiken. Samenvattend kun je zeggen dat AI overal in de wereld zorgt voor opschudding en er veel wordt geëxperimenteerd om te kijken waar de kansen liggen, maar ook de grenzen.

Nieuwe vragen

AI wordt door de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid (WRR) aangeduid als systeemtechnologie en verwacht wordt dat dit de komende decennia voor grote sociale, economische en maatschappelijke veranderingen zal gaan zorgen. Daarom roept het gebruik van AI ook veel ethische, theologische en hermeneutische vragen op. Naast oeroude theologische vragen of de mens met AI voor god speelt, duiken er ook nieuwe ethische vragen op, zoals of we AI op termijn morele rechten moeten geven. Wat opvalt is dat AI hierbij functioneert als een spiegel die laat zien wie wij zijn met al onze mooie en minder mooie kanten, maar die ons tegelijkertijd ook op existentieel

In feite zijn dit religieuze vragen verpakt in een seculier jasje.

niveau confronteert met onszelf en met de diepste vragen van het leven. Doordat we steeds meer omringd worden door slimme non-humane entiteiten, in meer christelijk jargon ‘nieuwe naasten’, rijst de vraag wie de mens is en wat de mens uniek maakt. Naast deze antropologische vraag doemen er ook vragen op die soteriologische en eschatologische noties bevatten. Oftewel: zorgt AI voor verlossing en hoe ziet het einde eruit? Zorgt AI, zoals Musk zegt, voor de hemel op aarde, of draagt het zorg voor het einde van de mensheid? In feite zijn dit religieuze vragen verpakt in een seculier jasje en veel mogelijke toekomstperspectieven bevinden zich aan de uiteinden van het utopisch of dystopisch spectrum.

Al deze vragen zorgen voor veel onzekerheid en onrust. Vaak ontbreekt er een nuchter en realistisch perspectief hoe je hiermee om moet gaan. Hoe ga je als christen op een verantwoorde manier om met AI en hoe maak je hierin voor jezelf goede ethische en theologische afwegingen? Een sleutel die hierbij behulpzaam zou kunnen zijn, is apocalyptische verbeelding.

Apocalyptische verbeelding

Het woord apocalyptisch roept bij veel mensen een dystopisch beeld op van het einde der tijden. In de culturele narratieven van het huidig tijdsgewricht duidt het vaak een overgang aan van de huidige tijd naar een andere tijd die gepaard gaat met een schokgolf van rampen en ellende zoals te zien is in films als Apocalypse Now en Terminator. In de theologie wordt dit vaak gekoppeld aan wat er over de eindtijd is geschreven in het boek Openbaring. Niet verwonderlijk, want de Griekse naam voor Openbaring is Apocalyps.

Een apocalyptische visie in onze tijd behelst een dualistisch beeld waarin het goddelijke en het menselijke elkaar ontmoeten en waarin een duidelijke scheiding is tussen het heden en het hiernamaals – of zogezegd tussen de huidige hemel en aarde en de nieuwe hemel en aarde. In de historische context van de Bijbel was er een monistische vorm van apocalyptisch denken waarbij men vooral nadacht hoe goddelijke onthullingen, hetgeen de letterlijke vertaling van het woord apocalyps is, konden worden toegepast om een betere wereld te creëren. De theoloog Michael Paulus beschrijft in zijn boek Artificial Intelligence and the Apocalyptic Imagination dat apocalyptische verbeelding een theologische interpretatie van de werkelijkheid is die diepere dimensies van kennis, ruimte, tijd en handelingsbekwaamheid onthult om een zo een narratief te bieden voor een betere wereld. In een ander boek (AI, Faith, and the Future: An Interdisciplinary Approach) haalt Michael Paulus N.T. Wright aan, volgens wie ‘apocalyptische verbeelding een visie van de nieuwe schepping is die precies overlapt met de huidige schepping en deze daardoor juist transformeert’ (p. 257). Dat laatste is de sleutel voor een gezonde kijk op de toekomst met AI en biedt een alternatief narratief als tegenhanger voor de utopische en dystopische narratieven.

Met de apocalyptische verbeelding trek je de lijn juist terug vanuit Gods nieuwe schepping en schep je een conceptuele ruimte waarin AI zou kunnen helpen om een toekomst te creëren die hoop biedt.

Bij deze apocalyptische verbeelding geeft Michael Paulus een aantal vragen mee voor het ethische gesprek. Wat zijn de ultieme vormen van hoop en doelen die worden nagestreefd? Wie doen daarin mee en hoe worden deze doelen bereikt? En verbetert AI politieke, economische en sociale gerechtigheid en vrede? Worden we er individueel en collectief betere mensen van? AI is namelijk niet alleen technologie maar bovenal een sociaal, cultureel en spiritueel fenomeen dat onze maatschappij steeds meer gaat vormen. Dat vraagt om een nieuw realistisch verhaal hoe je je hiertoe kan verhouden. De apocalyptische verbeelding laat zien dat het misschien mogelijk is om met AI een stukje hemel op aarde te realiseren.